A. 3b,§12
Boek Openbaring §12, Geestelijke Oorlog: Vrouw van drie Koninkrijken
[PDF]
Shalom!
^ Met heidense gelovigen heeft God in het bijzonder persoonlijke contacten. Met het Joodse volk daarentegen is Zijn contact ook met het volk als geheel. Op deze manier dienen dit volk en hun land als Gods tijdklok voor de hele wereld.
De geboorte van Israël ('vijgenboom') in 1948 {en de geboorte van vele andere staten ('bomen')} toont dat de geheime Toe-komst van de Here Jezus op de wolken zeer nabij is gekomen (Mat. 24:32-44 en Lk. 21:29-33), Lk. 21:32, <Voorwaar, Ik zeg u dat dit geslacht zeker niet voorbij zal gaan, totdat alles geschied is.>
Met gebed van de heiligen, Bert
¤ In het begin vertegenwoordigde Gods volk van twaalf stammen de Vrouw zoals die in de Hemel werd gezien (3a§12, Opb. 12:1).
En hierna had het de Bruid van de Here Jezus moeten worden (Mat. 22:1-14).
¤ Maar er ging veel mis. Als eerste scheurde God vanwege de afgoderij van koning Salomo en zijn vrouwen dit koninkrijk in tweeën, in het twee- en tienstammenrijk (1Kon. 11:29-39).
Later, vanwege meer hoererij, liet God toe dat het tienstammenrijk werd vernietigd (Hos. 1:1-9).
¤ Helaas weerstond het tweestammenrijk Juda Gods plan door de kruisiging van Zijn Zoon te eisen. Daarom scheidde God Zich ook daarvan af (Mat. 21:33-46; 27:23).
Slechts een klein aantal van de Joden had de Messias, die aan hen beloofd was, opgemerkt en gevolgd (bijv. Joh. 1:41).
¤ Na Zijn laatste afscheiding zocht God een nieuwe bruid/volk/koninkrijk voor Zijn Zoon (Lk. 17:21), 1Pet. 2:9-10, <Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; .... 10. U, eens niet zijn volk, nu echter Gods volk, eens zonder ontferming, nu in zijn ontferming aangenomen.>
Wanneer uit alle volkeren over de hele wereld de laatste gelovige is geroepen, geheiligd en opgewekt, neemt God hen allemaal op in de eerste opstanding. Vervolgens begint eenzelfde soort opwekking van de mensen van de twaalf stammen in de grotere verdrukkingsperiode (Mat. 25:1-13; Opb. 20:4-5), Rm. 11:25b-27, <er is voor een deel verharding over Israël gekomen, totdat de volheid van de heidenen is binnengegaan. 26. En zo zal heel Israël zalig worden, zoals geschreven staat: “De Verlosser zal uit Sion komen en zal de goddeloosheden afwenden van Jakob. 27. En dit is het verbond van Mij met hen, wanneer Ik hun zonden zal wegnemen.”>
¤ Eerst komen 144000, 12000 van twaalf stammen, tot geloof {Opb. 7:4-8 (7bc§67₁14)}.
Zij zijn de eerstelingen van het Joodse volk {Opb. 14:(1-) 4c (-5)}.
¤ Sinds de vernietiging van het tienstammenrijk hebben veel van hun nakomelingen altijd onder het Joodse volk gewoond. Bijgevolg is God tegenwoordig de vroegere twee volkeren weer tot één koninkrijk aan het verenigen en herstellen {Ezec. 37:15-28 (11b§19-22)}.
Bovendien helpen velen de Joden overal vandaan terug naar Israël te keren en sommigen krijgen zelfs zijn staatsburgerschap {Jes. 66:(10-) 20-21}.
¤ Vervolgens, aan het einde van de tijd van de grotere verdrukking, zullen alle andere Joden in Israël hun God ontmoeten. Een geheiligd derde deel van het tweestammenvolk van tweeduizend jaar geleden {Zac. 13:6-9 en Mat. 26:31 (7d§67₁14)}.
Net zoals in het verleden vertegenwoordigen zo in het komende Nieuwe Jeruzalem twaalf stammen het volk Israël (Opb. 21:12-13).
¤
¤ Elke gelovige is in een geestelijke oorlog gewikkeld {Ef. 6:12 (10-20); Opb. 13:7}.
In het begin was dit te zien bij de eerste kinderen, Kaïn en Abel. Kaïn had ervoor gekozen om een landbouwer te worden en Abel een schapenherder. Vervolgens brachten ze hun offers aan God. Maar God aanvaardde alleen Abels geschenk (Gen. 4:2b-5).
¤ Toen toonde Kaïn zijn valse karakter, zoals de apostel Johannes later uitlegde (Gen. 4:6-16), 1Joh. 3:12, <.... Kaïn was uit de boze en sloeg zijn broer dood. En waarom sloeg hij hem dood? Omdat zijn werken slecht waren en die van zijn broer rechtvaardig.>
Het verhaal van Kaïn onderwijst dat niet alle mensen hetzelfde verlangen naar God en Zijn Waarheid hebben. Dit werd ook opgemerkt toen Paulus en Barnabas met kracht het evangelie verkondigden en de hele stad Antiochië in beweging brachten. Allen kwamen tot geloof welke tot eeuwig leven bestemd waren (Hand. 13:48).
¤ Kaïn vertegenwoordigt mensen die onverschillig zijn ten opzichte van Gods instructies en woord. Zijn offer was van de buitenkant gezien prachtig geweest. Helaas ontbrak het spattende afschuwelijke gruwelijke dierenbloed (vgl. Heb. 11:4).
Dit bloed zou het Bloed van Christus hebben voorgesteld. Christus was het Zaad dat beloofd was aan (Adam en) Eva, evenals als aan Abraham en aan elke gelovige {3a§12, Gen. 3:15a (en Gen. 22:18, Gal. 3:16)}.
¤ Adam en Eva hadden op dezelfde dag moeten sterven waarop zij zondigden, maar de Alwetende en Liefhebbende God had een kant-en-klaar reddingsplan voor hen en al hun nakomelingen (Gen. 2:17, Opb. 13:8b), Gen. 3:21, <En de HERE God maakte voor Adam en voor zijn vrouw kleren van huiden en kleedde hen daarmee.>
Zo was het vergieten van bloed van onschuldige dieren en het met hun huiden bedekken van Adam en Eva een tijdelijke oplossing geweest (Gen. 3:7 en 11).
¤ Later gaf Christus Zijn eigen Bloed tot een losprijs, waardoor Hij de Middelaar van allen werd (1Tim. 2:5-6; Heb. 9:11-15).
Geloof in Hem kan iedereen voor eens en altijd heiligen en een deel doen worden van God en Zijn Verbond {Heb. 10:(10-) 16-17 (3a§12 en ook 15d2)}.